Infiltratieproeven

Hooghoudt boorgatmethode

Voorafgaandelijk aan de infiltratieproef wordt reeds een boorprofiel gemaakt.

Vervolgens wordt er een handboring uitgevoerd tot minstens 30 cm onder de grondwatertafel en minstens 10 à 15 cm boven een grondlaag met andere lithologie. De diepte van het boorgat is afhankelijk van de grondwatertafel, de dikte en de doorlatendheid van de grondlagen.

Men meet de diepte van het boorgat en wacht men tot de grondwatertafel zich stabiliseert.

Nadat de grondwatertafel terug stabiel is, meet men de grondwaterstand.

Om de waterdoorlatendheid te bepalen, verwijdert men nu het grondwater uit het boorgat en bekijkt men hoe snel het grondwater stijgt. Men behulp van formules/nomogrammen wordt de stijgsnelheid van het grondwater vertaalt in de een gemiddelde K-waarde.  

Herhaal de meting minstens 1x, indien de resultaten sterk verschillen moet de meting meerdere keren herhaald worden.

Omgekeerde Hooghoudt boorgatmethode

De uitvoering is dezelfde als bij de Hooghoudt methode echter wordt er hier geen water onttrokken aan het boorgat maar toegevoegd.

Om de waterdoorlatendheid te bepalen, wordt bij de omgekeerde boorgatmethode gekeken hoe snel het grondwater daalt. Hieruit kan men dan via formules de K-waarde afleiden.
Image
Image

Infiltratievoorziening bij uw nieuwbouw of verbouwing?

Laat uw infiltratiecapaciteit bepalen